Zelf hoger in Google komen: wat werkt en wat niet
Hieronder staat wat wij zelf doen als we een site vindbaar maken, in de volgorde waarin we het aanpakken. Je kunt er zonder ons mee aan de slag.
Waarom staat je website niet op de eerste pagina?
De meeste websites staan niet laag omdat er iets stuk is. Ze staan laag omdat er niets op staat wat Google kan laten zien. Een site met vijf pagina’s die vooral vertellen hoe fijn het bedrijf werkt, geeft een zoekmachine weinig reden om jou te tonen aan iemand die een concrete vraag intikt.
Daar komt bij dat je op de eerste pagina concurreert met sites die er al jaren staan, vaker genoemd worden en meer pagina’s hebben over hetzelfde onderwerp. Dat haal je niet in met een trucje. Wel met een site die per onderwerp duidelijk beter antwoord geeft dan wat er nu staat.
Een nuchtere maatstaf: als jouw pagina het beste antwoord op die zoekvraag is dat er op internet staat, dan kom je er. Is hij dat niet, dan is dat het werk dat nog ligt.
Wat Google eigenlijk beoordeelt
Het helpt om te weten dat Google drie dingen los van elkaar bekijkt. Eerst of hij je pagina kan vinden en lezen. Dan waar de pagina over gaat en of dat past bij wat iemand zocht. En tot slot of jij een geloofwaardige bron bent voor dat onderwerp.
Bij de meeste ondernemers zit het probleem in het middelste stuk. De site is technisch prima, maar geen enkele pagina gaat echt over de zoekvraag. Er is een pagina Diensten waar alles op staat, en Google weet dan niet welke van die tien onderwerpen hij moet tonen. Het antwoord daarop is niet meer pagina’s, het is duidelijker afgebakende pagina’s.
Kies per pagina één zoekvraag
Begin met opschrijven wat iemand intikt die jouw klant kan worden. Niet je vakjargon, maar de woorden van de klant. Een hovenier denkt in beplantingsplan, de klant zoekt op tuin laten aanleggen. Die woorden kun je gewoon nakijken: Google zelf vult ze aan zodra je begint te typen, en onderaan een zoekresultaat staat wat mensen nog meer zochten.
Koppel daarna elke zoekvraag aan precies één pagina. Twee pagina’s die allebei over hetzelfde gaan, nemen elkaar de positie af. Heb je die al, voeg ze dan samen tot één sterke pagina en stuur de oude URL door naar de nieuwe.
Schrijf de pagina die die vraag beantwoordt
Zet het antwoord bovenaan, niet onderaan. Wie zoekt wat iets kost, wil een bedrag zien, geen alinea over hoe uniek elk project is. Durf concreet te zijn: bedragen, doorlooptijden, wat er wel en niet bij zit. Dat is meteen het verschil met de meeste concurrenten, want die durven dat niet.
Schrijf daarna de vragen uit die je in gesprekken telkens hoort. Kan ik het zelf beheren, wat gebeurt er als ik later iets wil wijzigen, wat als het niet werkt. Die vragen worden ook ingetikt, en een pagina die ze beantwoordt wordt vaker getoond dan een pagina die alleen zichzelf aanprijst.
Over de lengte: schrijf wat nodig is om de vraag af te maken. Een pagina van driehonderd woorden is meestal te kort om ergens compleet over te zijn, maar volschrijven om het volschrijven heeft geen enkele zin.
Zet de belangrijkste woorden op de juiste plek
Dit is het deel waar mensen het meest over praten en dat het minst oplevert, maar het moet wel kloppen. Zorg dat de zoekvraag terugkomt in de paginatitel die in Google verschijnt, in de kop bovenaan de pagina en in de eerste alinea. Gebruik in de tekst ook de varianten die mensen intikken, want wie zoekt op webdesigner en wie zoekt op website laten maken bedoelen vaak hetzelfde.
Geef elke pagina een eigen titel en een eigen omschrijving voor het zoekresultaat. Die omschrijving bepaalt niet je positie, maar wel of iemand klikt, en dat is uiteindelijk waar het om gaat. Zorg verder dat je pagina’s onderling naar elkaar linken met woorden die zeggen waar je heen gaat, niet met lees meer.
Wat je niet moet doen is hetzelfde woord twintig keer herhalen. Dat werkte vijftien jaar geleden en werkt nu tegen je.
Zorg dat de site snel en leesbaar is
Snelheid is geen doorslaggevende factor, maar wel een drempel. Een site die op een telefoon drie seconden staat te laden verliest bezoekers voordat ze iets gelezen hebben, en dat gedrag ziet Google terug. De grootste winst zit bijna altijd in afbeeldingen: te groot geëxporteerd, niet in een modern formaat, en allemaal tegelijk ingeladen.
Kijk daarnaast naar je site op een telefoon, want daar komt het merendeel van je bezoek vandaan. Kun je de tekst lezen zonder in te zoomen, staan de knoppen ver genoeg uit elkaar, en zie je binnen één schermlengte waar het over gaat en hoe je contact opneemt?
Laat zien dat je bestaat buiten je eigen site
Google weegt mee wat anderen over je zeggen. Voor een lokaal bedrijf is het Google Bedrijfsprofiel daarin het meest directe instrument: volledig ingevuld, met openingstijden die kloppen, echte foto’s en een paar recente reviews. Voor zoekopdrachten met een plaatsnaam erin is dat vaak zwaarder dan wat er op je site staat.
Vermeldingen op andere sites tellen ook mee, maar dan de echte: je branchevereniging, een leverancier die je noemt, het lokale nieuws, een klant die over de samenwerking schrijft. Links kopen is zonde van je geld en levert in het gunstigste geval niets op.
Hoe lang duurt het voordat je iets ziet?
Reken op maanden, niet op weken. Google moet de nieuwe pagina vinden, hem afwegen tegen wat er al staat, en kijken hoe mensen erop reageren. Voor een nieuw onderwerp zie je meestal na zes tot twaalf weken de eerste beweging, en vooral in vertoningen: je wordt vaker getoond, nog niet vaak geklikt. Dat is precies de volgorde waarin het hoort te gaan.
Meet het ook zo. Zet Search Console aan en kijk maandelijks naar drie dingen: op welke woorden je getoond wordt, op welke positie, en of er geklikt wordt. Stijgt de positie van 40 naar 25, dan gebeurt er iets goeds, ook al staat de teller op nul klikken. Onder plek tien wordt nauwelijks geklikt, dus dat is waar de winst pas zichtbaar wordt.
Wat je beter niet doet
Maak niet voor elke plaats in de omgeving een aparte pagina die alleen in plaatsnaam verschilt. Google noemt dat doorway pages en het kan je hele site meetrekken. Een pagina per plaats mag wel, maar dan met eigen inhoud: een klant uit die plaats, iets wat daar speelt, een reden waarom die pagina bestaat.
Trap ook niet in het mailtje dat belooft je binnen een maand op één te zetten. Niemand kan dat garanderen, en wie het belooft verdient aan het abonnement, niet aan het resultaat. Laat teksten die een computer heeft uitgespuugd zonder dat iemand ze nagelopen heeft er ook uit: ze lezen als iedereen, en dat is precies het probleem.
Wanneer schakel je hulp in?
Het meeste hierboven kun je zelf. Teksten schrijven over je eigen vak doe jij beter dan welk bureau ook, want jij weet wat klanten vragen. Waar het vaak vastloopt is tijd en techniek: de site is traag en je weet niet waardoor, er staan oude URL’s die nergens heen gaan, of je hebt gewoon de avonden niet om tien pagina’s te schrijven.
Dat is waar wij instappen. We kijken eerst wat de cijfers zeggen voordat we iets aanraden, en we vertellen het ook als er niets aan de hand is. Wil je weten waar jouw site nu staat, bel of app Mark op 06 112 717 64 of mail naar contact@dezons.com. Een eerste gesprek kost niets en levert in elk geval een eerlijk beeld op.




